De renaissance van Jan Gossart

Mens, mythe en zinnelijkheid - Het volledige werk

Onder redactie van Maryan W. Ainsworth

Momenteel niet beschikbaar

De renaissance van Jan Gossart

99,00

momenteel niet beschikbaar

Pagina's

496

Afmetingen

30,5 x 24,1

Formaat

Hardcover met stofomslag in geïllustreerd foedraal

In co-editie met

MET - The Metropolitan Museum of Art, New York

Maryan W. Ainsworth, Stijn Alsteens en Nadine M. Orenstein.
Met bijdragen van Lorne Campbell, Ethan Matt Kavaler, Peter Klein en Stephanie Schrader.

Jan Gossart (ca. 1478-1532) was een van de eerste kunstenaars uit de Nederlanden die naar Rome trok en daar antieke monumenten en beelden natekende. Door zijn activiteiten na zijn terugkeer werden Bijbelse en mythologische onderwerpen met erotische naakten stilaan ook in het noordelijke deel van Europa toonaangevend. Dat de verworvenheden van de Italiaanse renaissance daar met succes in de schilderkunst werden opgenomen, wordt vaak aan hem toegeschreven. Zo werd hij een spilfiguur in de ontwikkeling van de vroeg-Nederlandse kunst en deed hij de erfenis van haar stichter, Jan van Eyck, evolueren in een richting die zou uitmonden in de grootse kunst van de eeuw van Rubens.

Voor het eerst in 45 jaar verschijnt weer een diepgravende studie over Gossart. Deze publicatie is inderdaad meer dan een catalogus bij een tentoonstelling. Ze belicht en herwaardeert het hele oeuvre van de grote schilder, tekenaar en graveur die Gossart was, en geeft hem de plaats die hem in de kunstgeschiedenis toekomt. Hoogtepunten zijn onder meer de schitterende Malvagnatriptiek, het enige retabel van Gossart dat in zijn geheel tot ons is gekomen; het tweeluik met Jean Carondelet, een van de meesterwerken van de vroeg-Nederlandse portretkunst; het Portret van een bejaard echtpaar, een verbazend scherpzinnige psychologische studie; de buitengewone tekening van Adam en Eva uit de verzameling van de hertog van Devonshire in Chatsworth; en een unieke handgekleurde ets van de jonge Karel V. Het artistieke milieu waarin Gossart zich bewoog, wordt opgeroepen door illustraties en door de bespreking van beelden uit de oudheid en de renaissance, schilderijen van tijdgenoten als Gerard David en Bernard van Orley, en prenten en tekeningen van Marcantonio Raimondi, Lucas van Leyden en Albrecht Dürer.

Veel schilderijen in dit boek werden voor het eerst onderworpen aan een grondig onderzoek met infraroodreflectografie, röntgenstralen, pigmentanalyse en microscopie. Dat was bijzonder verhelderend voor problemen van toeschrijving en datering en in verband met versies en kopieën. Het leidde ook tot een beter inzicht in de werkwijzen van Gossart, de relatie tussen zijn tekeningen op papier en de ondertekeningen van zijn schilderijen, en zijn technische en stilistische evolutie. Verder bevat het boek de resultaten van het dendrochronologisch onderzoek van de panelen. Dat Gossarts getekende oeuvre behoorlijk kon worden uitgebreid, geeft aan hoe belangrijk hij ook als tekenaar was. En voor het eerst wordt grondig ingegaan op zijn talenten als graveur. In dit boek worden naast de resultaten van dit volslagen nieuwe technische onderzoek ook de bevindingen verwerkt van recent wetenschappelijk onderzoek naar elementen die in het verleden al te zeer in de schaduw zijn gebleven: Gossarts vroege carrière als vertegenwoordiger van het Antwerpse maniërisme, de impact van zijn verblijf in Rome, het beschermheerschap van Filips van Bourgondië (inclusief de erotische aard van de hofkunst), Gossarts dialoog met de beeldhouwkunst, de redenen waarom hij tegelijk laatgotische en renaissancearchitectuur in beeld bracht, en zijn experimenten met nieuwe vormen van portretkunst.

Maryan W. Ainsworth is conservator van het department Europese schilderkunst van het Metropolitan Museum of Art.

Stijn Alsteens is adjunct-conservator van het departement prenten en tekeningen van het Metropolitan Museum of Art.

Nadine M. Orenstein is conservator van het departement prenten en tekeningen van het Metropolitan Museum of Art.

Lorne Campbell is George Beaumont Senior Research Curator van de National Gallery in Londen.

Ethan Matt Kavaler is adjunct-hoogleraar aan de vakgroep Kunstgeschiedenis van de University of Toronto.

Peter Klein is professor emeritus van de Universität Hamburg en de Fachhochschule Hildesheim.

Stephanie Schrader is adjunct-conservator van het departement tekeningen van het J. Paul Getty Museum in Los Angeles.

De tentoonstelling loopt
van 5 oktober 2010 tot 17 januari 2011 in The Metropolitan Museum of Art in New York
en van 23 februari 2011 tot 30 mei 2011 in de National Gallery in Londen.

SKU: 170 Categorie: