Deze publicatie is de eerste grote monografie gewijd aan de Belgische kunstenaar Fabrice Samyn (geb. 1981). Ze is ingedeeld in diverse groepen analogieën (vorm, teken, thema) en verkent een oeuvre dat als een boom is gestructureerd rond het vraagstuk van de identiteit. In Samyns werk, dat zich graag in een ruimte vol verscheidenheid en dualiteit ophoudt, ontdekken we in de eerste plaats de tegenstellingen tussen icoon en idool, licht en schaduw, aanwezigheid en duur, mannelijk en vrouwelijk, auteur en oplichter.

Hoewel Samyns oeuvre zich parallel met het internet ontwikkelde en eenzelfde organische groei kende, laat het volop ruimte voor vakkundigheid en materialiteit. De kunstenaar werkt nu eens nauw samen met ambachtslieden en gaat dan weer de uitdaging aan om zich de diverse media die hij zelf gebruikt eigen te maken – schilderkunst, beeldhouwkunst, dichtkunst en, recenter, choreografie.

Dit rijk geïllustreerde werk bevat essays van Vinciane Despret, wetenschapsfilosofe en professor aan de Université de Liège, Pascal Rousseau, professor Hedendaagse Kunstgeschiedenis aan Paris 1, en kunsthistorica Wivine de Traux.